Daar buiten loopt een…

  • frankenjoyce
  • Tagged , ,
  • 08/03/2016
  • Als ik na ons muesli-ontbijt voor het keukenraam de kommetjes afwas, kijk ik naar de schapen, die even verderop in hun wei staan. Het is net of ze je echt aan staan te kijken met hun starende, groengrijze ogen. Erg grappig. We zijn hier helemaal omgeven door schapenweiden en het land van Keith en Kaye strekt zich uit over 2000 ha heuvellandschap, waarop hun 2000 Merino-schapen grazen. In de weiden rond het grote huis en ons onderkomen loopt slechts een fractie daarvan; dit zijn de rammen, die één keer per jaar worden losgelaten.

    Als we om 9.00 uur bij het grote huis aankomen, komt Kaye naar buiten met een fles melk. De kinderen krijgen de taak om het lam te voeren, dat ons gisteren ook al met een enthousiast geblaat verwelkomde. Hij had dus honger. Simon mag hem het eerst de fles geven en hij moet de fles stevig met twee handen vasthouden, want het lam drinkt met grof geweld in no time zijn fles leeg. Julie is die middag aan de beurt en leert gelijk hoeveel melkpoeder en warm water ze moet mengen om de fles klaar te maken. Zij mag het lam nu zelfstandig twee keer per dag voeden en als hij tussendoor erge honger heeft, mag ze hem wat water geven. Natuurlijk mag Simon de fles ook nog vaak geven en al snel blijkt tot Julie’s verontwaardiging dat het lam soms de ochtendfles al op heeft als wij arriveren, omdat het dan al heel vroeg te hard stond te blaten.

    Stuart en Marlene
    Onze volgende taak die eerste ochtend is het zemen van alle buitenramen van het huis en de twee extra gebouwtjes met kamers van de bed- en breakfast. De kinderen helpen ook mee. Het is even wennen en best lastig om strepen te voorkomen zonder zeem en met trekkers met een hele lange siliconen flap als rubber. Als we klaar zijn, begin ik met de binnenkant van de ramen en maakt Frank de veranda schoon. Binnen maak ik kennis met Marlene, de vrouw van Stuart. Dit stel uit Birmingham komt hier al voor het 14de jaar overwinteren. Stuart gaat hier geregeld vliegvissen. Ik had zijn lieslaarzen al aan de droogmolen zien hangen. Als hij niet vist, zit hij meestal op de bank of op de veranda te lezen. Marlene helpt Kaye een beetje mee met het in- en uitruimen van de vaatwasser en de dagelijkse was. Daarbij slaakt ze veel dramatische zuchten, maar toch is ze wel opgewekt. In haar manier van doen en de manier waarop ze de t uitspreekt, doet ze ons sterk aan Annie de Rooij denken. Terwijl Keith en Stuart cricket zitten te kijken, probeer ik zo min mogelijk herrie te maken met mijn rare trekker, die ondanks dat soms geluiden maakt, waar je nekharen van overeind gaan staan. Aan de collectie dode vliegen op de grond langs de ramen, zie ik dat stofzuigen ook geen kwaad kan, maar dat doe ik maar even niet tijdens de wedstrijd.

    Ria en Tomothy
    Voor de lunch zet Kaye brood, beleg, salade en een opgewarmde ovenschotel van de dag ervoor klaar, zodat iedereen kan nemen waar hij trek in heeft. Zo zullen we dat elke dag verder doen. Na de lunch lopen we terug naar onze eigen huisjes, waar we in het keukengebouwtje aan school werken. Die avond zet Kaye een heel buffet klaar en zitten we, behalve met Keith en Kaye en Stuart en Marlene, aan tafel met nog drie andere gasten van de B&B. Een stel van middelbare leeftijd en een jonge meid uit de VS. De jonge meid doet een fietsvakantie door Nieuw-Zeeland via een organisatie, die ‘Glenmac’ als overnachtingsplaats op de route heeft staan. Er komen hier dus veel fietsers. De kleinkinderen van Keith en Kaye blijven ook weer slapen. Ze wonen half hier en half bij hun ouders Collin en Vanessa op de buurboerderij, zo’n tien minuten rijden (!) verder de weg af. Vanessa is Maori en de kinderen hebben haar gladde, getinte huid en de twaalfjarige Ria heeft ook de voor Maori kenmerkende robuuste, statige bouw. Julie komt tot haar schouder. De eerste ochtend heeft Ria Julie even meegenomen naar het paard ‘Cupper’, maar verder hebben ze eigenlijk geen contact gehad. Simon heeft wel veel met Tomothy meegekeken bij spelletjes op de i-pad, waarbij duidelijk te merken was, dat Tomothy niet gewend is – zoals onze kinderen met hun vriendjes en vriendinnetjes – om zo dicht bij elkaar te zitten.

    Schapen drijven
    Zondagochtend om 8.00 uur staan we klaar om met Keith, Collin, Tomothy, John (naburige schapendrijver) en vier honden mee de heuvels in te gaan om zo’n 200 schapen naar beneden te halen voor een verkoop. Keith rijdt, John zit naast hem en ik mag met Collin achterin. Frank en de kids mogen tot blijdschap van de kids bij de lieve honden in de open laadbak staan.IMG_0252 Over een smal sporenweggetje rijden we omhoog een heuvel op met een prachtig uitzicht op het uitgestrekte, groene heuvellandschap, waar hier en daar krijtstenen rotsen uitsteken. We rijden totdat we boven de wolken uitkomen. Zodra de auto stil staat, stapt iedereen uit en loopt John met twee honden in hoog tempo de ene kant op omlaag en Collin met twee honden en Tomothy de andere kant op, omhoog. Voor we kunnen vragen wat de bedoeling is, zijn die dus al weg. Keith vertelt dat we zelf mogen weten wie we volgen en dat we ook met hem mee mogen rijden, want hij brengt de auto terug. Het maakt hem allemaal niet uit. Nou ja, dan maar snel achter Collin en Tomothy aan. Tomothy halen we nog in en Frank komt ook nog bij Collin. Simon loopt met Tomothy daar achter en Julie en ik vormen de achterhoede. We zijn van weinig nut, maar we genieten van de prachtige en in het begin nog best pittige wandeling van een uur of twee.
    IMG_0326Op een gegeven moment zien we van verre hoe de bijeengedreven kudde schapen het laatste stuk afdaalt naar een grote kraal bij de grote, tinnen stal. Beneden zien we hoe de schapen eerst door middel van een poortjessysteem gesplitst worden in geschoren en ongeschoren en daarna in gezond en iets mankerend. Cowboy John jaagt de schapen dan met een stok met een wapperend plastic zakje eraan in een smal doorgangetje. Keith geeft aan Collin door bij welke groep welk schaap moet en door middel van een draaiend hek aan het einde van de smalle doorgang, laat Collin het ene schaap de ene kraal ingaan en het andere schaap de andere. De uitverkoren schapen worden vervolgens de stal ingeleid en daar scheert Collin hun konten schoon met een scheerapparaat, waarvan er drie op een rij aan het plafond hangen. Keith en John slepen om de beurt een schaap aan de voorpoten, in zithouding met hun kont over de grond uit het hok, waarna Collin haar overpakt en haar kop tussen zijn benen klemt. Het is verbazingwekkend hoe mak die schapen zijn als ze met hun bolle buikjes naar voren aan hun voorpoten naar Collin worden gesleept. Ook het scheren laten ze zonder verzet toe. Het gaat in hoog tempo aan de lopende band. Het is keihard werken en Collin gaat onvermoeibaar door tot hij ze allemaal (zo’n 150) gehad heeft. Inmiddels is de chauffeur met de twee verdiepingen tellende, rode veewagen al gearriveerd. Hij drinkt een bakkie, terwijl Collin de laatste klonten van schepenkonten scheert. De kinderen vinden het maar niets, want het ziet er best hardhandig uit en het gat niet zonder schrammetjes.IMG_8657

    Uiteindelijk worden de schapen via een speciale verrijdbare brug de vrachtwagen ingedreven, waar ze dicht opeengepakt over de twee verdiepingen worden verdeeld. Door de open gleuven, kijken ze uitdrukkingsloos en allemaal in hetzelfde ritme hijgend naar buiten. De chauffeur zet zijn handtekening op het formulier in Keith’s map en dan rijden ze weg. Kunnen we eindelijk een bakkie doen, denken wij. Dit doen we bij Kaye, Marlene en Stuart in het grote huis, maar het duurt nog lang voordat Keith en de mannen ons volgen. Ze zijn tot na de lunch nog met de schapen bezig, maar wij weten niet hoe we kunnen helpen en blijkbaar verwachten ze dat ook niet.

    De volgende dag beginnen Frank en Simon met het rapen van dennenappelen en takken op de wei waar onder andere het lam staat. Een zelf voorgestelde klus, aangezien Kaye niet goed weet wat ze ons moet laten doen. Maar ja, we willen natuurlijk wel meehelpen voor de kost. Met een quad brengen ze het hout naar een schuur. Julie voedt het lam en helpt ook mee. Ik stofzuig het grote huis, waarbij Stuart coöperatief zijn voeten in hoog opgetrokken, witte sportsokken en blauwe fluwelen pantoffels omhoog houdt, als ik langs de bank kom. Daarna maak ik de wc en badkamer schoon en begin ik maar aan de muren van de gang, waar hier en daar vlekken en vingers op zitten. s’ Middags werken we weer aan school en s’avonds eten we weer in het grote huis, waar Kaye altijd voor iedereen kookt. Woensdag zal dat mijn taak zijn, want dan gaat zij met Keith en Marlene en Stuart een dag naar Dunedin, een stad aan de oostkust op ongeveer twee uur rijden.

    Adrien
    Die avond als de kinderen net op bed liggen, arriveert Adrien, die het gebouwtje bestaande uit één kamer krijgt toegewezen en die met ons de keuken, wc en douche zal delen. Het is lieve Franse jongen met baardje en Bambi-ogen, die een jaar heeft uitgetrokken om via Helpx-adressen door Nieuw-Zeeland te reizen en zo zijn Engels te verbeteren en allerlei werkervaring op te doen. Het klikt meteen en voordat we naar bed gaan, drinken we gezellig een wijntje. Adrien heeft na zijn studie een tijd als grafisch ontwerper in Parijs gewerkt en daarna in Lyon, waar zijn ouders en zussen vlakbij wonen. Hij is gek op zijn twee neefjes van 5 en 2 jaar en heeft het vaak over hen. Uiteraard heeft hij een zeer mooie website, met filmpjes, foto’s en verhalen.

    Op de dag dat ik voor de hele club, inclusief twee verregende fietsers – die Frank met Keith’s auto moest oppikken bij een wijnboerderij – kook, maakt Adrien crêpes als toetje. Met het rundvlees waar ik zelf iets mee moet verzinnen, maak ik een grote stoofschotel (lang leve internet) en daarbij aardappelpuree, salade en wat groenten, die over zijn van de dag ervoor. Marlene is bij thuiskomst erg teleurgesteld dat ik geen hele aardappelen voor haar apart heb gehouden, want ze had me wel een keer verteld: ‘I don’t do mashed potatoes’… En ik had er wel aan gedacht, maar ik was bang dat ik anders niet genoeg zou hebben en bovendien had Kaye gezegd, dat ik niet echt op hen hoefde te rekenen, omdat ze een grote lunch zouden nemen. Tijdens het toetje krijgt ze vervolgens een discussie met Adrien, over dat zijn ‘crêpes’ toch echt gewoon ‘pancakes’ zijn.

    Vanaf vrijdag vertrekken Keith en Kaye met vrienden naar Wellington. Een welverdiend uitje dat al maanden gepland staat. Marlene en Stuart passen op het huis en Collin zorgt ervoor dat het halen en scheren van de schapen doorgaat. Frank en Adrien gaan nog twee keer mee om de schapen uit de heuvels naar de stal te drijven. Pittige tochten van vier of vijf uur en één keer vertrekken ze al om half zes s’morgens na een uitgebreid ontbijt in het grote huis. Het scheren wordt door Collin en ingehuurde, jonge schaapscheerders gedaan met harde muziek op de achtergrond. Adrien, Frank en Simon werken verder op de wei en in de schuur. Julie blijft bij mij. Ik maak de keuken in ons onderkomen grondig schoon en verder maak ik elke dag schoon in het grote huis. Met Marlene zorg ik voor het eten en terwijl Frank s’middags vaak verder werkt, werk ik met de kids aan school. We hebben Julie haar OKR binnen en we schrijven haar in bij het Alfrink! De kinderen spelen verder vaak in het huis of in de tuin met nerfpistolen van Tomothy en als hij er is, doet Tomothy ook mee. Simon is ook een keer meegeweest naar een cricketwedstrijd van Tomothy, maar van echt contact is toch geen sprake. ‘Het is geen echte vriend’, zegt Simon, want het maakt Tomothy niet uit of Simon er nu wel of niet is en als we hem tegenkomen als Keith en Kaye weg zijn, zegt hij niet eens gedag.

    Oamaru
    Samen met Adrien gaan we op zondag nog een dagje naar het kustplaatsje Oamaru, waar een klein boerenmarktje is, een klein strandje waar Julie een pinguïnkuiken spot en allerlei leuke design- en vintagewinkeltjes in mooie koloniale gebouwen. Er is ook een geweldige boekenwinkel, vol met boeken van en over avonturiers, ontdekkingsreizigers, bergbeklimmers en wereldreizigers. In de winkel staat een mooie, oude zeilboot als blikvanger en de landkaarten, oude wereldbol, afbeeldingen van exotische planten en vogels én natuurlijk de donkerhouten boekenkasten met boeken van o.a. Kapitein Cook, Darwin, Edmund Hillary en Redmund o’ Hanlan, zorgen voor een onweerstaanbare sfeer. We raken aan de praat met de eigenaar, die erg geïnteresseerd is in onze reis en het geweldig vindt dat we helemaal uit Nederland komen. Zelf heeft hij de hele wereld over gereisd voor zijn werk als … Hij vraagt ons iets in zijn gastenboek te schrijven en in ruil geeft hij ons een ansichtkaart van zijn winkel. Na een ijsje in de speeltuin met kunstige, ijzeren kunstwerken, zoals de plaatselijke held op een ouderwetse fiets, rijden we nog een stukje verder naar het noorden om de beroemde ronde stenen op Moeraki Beach te bekijken.

    IMG_8726

    Bij de donkergrijze stenen ballen in de branding is het druk. Aan de menigte zie je gelijk waar je moet zijn. De ‘Moeraki-boulders’ zijn kleiner dan verwacht, maar het blijft en bijzonder gezicht, die bijna perfect ronde stenen op het strand, zover van echte bergen vandaan.

    Op maandag gaat alles zijn gangetje op de schapenboerderij, probeert Marlene te helpen om onderdak voor ons te vinden in Christchurch – alles is volgeboekt..- en maakt Stuart als diner een heerlijke, zelfgevangen forel voor ons klaar. Marlene ‘doesn’t do fish with bones’, maar ondanks haar kieskeurigheid met eten is ze wel heel lief en zorgzaam. Ze heeft zelfs een keer mijn was opgehangen.

    IMG_0373

    Dinsdagochtend nemen we afscheid. Ik krijg van Stuart zijn boek van Isabel Allende, dat hij uit heeft. Helaas zijn Keith en Kaye nog niet terug, die zien we niet meer. In ongeveer drie uur rijden we naar Christchurch. Gelukkig hebben we op het nippertje via Airbnb nog een verblijfplaats gevonden!

    One thought on “IMG_0345Daar buiten loopt een…

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *