Het leven op de boerderij

  • frankenjoyce
  • Tagged , ,
  • 24/01/2016
  • Na alweer bijna vier weken op de boerderij van Jim en Claire, zijn we aardig ingeburgerd en helemaal opgenomen in de familie. Op de vrijdagen zijn de kids en ik mee geweest naar het huis van Laura, de oudste dochter in Pakenham, waar de kinderen altijd Star Wars-gevechten houden met Lucas (7) en Josh (bijna 4). Dit tot afgrijzen van Jack Russel Zoë, die dan bevend als een rietje tegen mij aankruipt op de bank. De laatste keer kwam Emily, de jongste dochter ook met haar zoontje Ryan (5). We eten dan altijd patat tussen de middag (Chippie Day). Afgelopen zaterdag zijn de kids zelfs alleen meegeweest naar de verjaardag van kleindochter Daisy (3), die een feestje gaf in een soort ballenbak bij Melbourne in de buurt. Het verbaasde me eigenlijk dat de kids dit wel zagen zitten om alleen met Jim en Claire mee te gaan. Maar ze hadden er zin in en hebben inmiddels genoeg vertrouwen dat ze zich helemaal in het Engels kunnen redden. Ik vond het vreselijk om ze te mee te geven, maar wilde ze dit leuke uitje niet onthouden vanwege mijn bezorgdheid…

    Paarden voeren
    Afgelopen week moesten Jim en Claire een paar keer de hele dag weg en mochten wij het fort bewaken. Frank weet inmiddels precies wat welk paard te eten krijgt. De eerste dagen kregen ze alleen hooi, maar kort daarna zijn ze overgestapt op ander voer. Elk paard heeft een emmer met zijn naam erop (Darky, Pony, Zac, Captain, Tory, Who, Bobby, Floe, Ronald and Tomy) en daar gaat een mix in van verschillende soorten voer én vers gesneden wortelen, waar ze gek op zijn! Julie en Simon rijden om de beurt op de quad met aanhanger waar alle emmers op gaan, alsof ze nooit anders hebben gedaan. Ze starten hem zelf en Simon rijdt hem zelfs achteruit de schuur uit en na afloop parkeert hij hem er weer in. Voordat we naar de paarden gaan, geeft Julie alpaca Brandy zijn hooi en worteltjes en ‘doe’ ik de ‘chocks’, zoals ze in Australië de kippen noemen: gras plukken, hok van drie jonge hanen en één kip schoonvegen, waterbakjes verschonen, dagelijkse groenafval geven, bakjes kippenvoer bijvullen en ei rapen (er is maar één volwassen kip en helaas bleken drie van de vier jongen ook weer haan te zijn..). Vervolgens gaan we met zijn allen naar de paarden. Sommige maken een vreugdesprongetje van blijdschap als we aankomen. De kinderen voeren de pony’s Pony en Zac, die van Rose zijn. Rose is een opgeruimde, vrolijke vrouw wiens moeder Nederlands was. Ze verstaat ook Nederlands en spreekt een paar zinnetjes. Afgelopen zaterdag kwam ze haar pony’s ophalen voor een dagje strand. Grappig om te zien hoe makkelijk zo’n klein vrouwtje in een grote auto met paardentrailer rondrijdt.

    Tory (wit) en Who (bruin met zwarte ‘sokken’) zijn voormalige racepaarden van Jim. Ze staan samen in de eerste wei waar we langskomen. Daartegenover staat de oude Captain, een lief, bruin paard, dat een beetje te mager begint te worden. De bruine Bobby is ook heel vriendelijk, maar kan soms wat wild zijn; hij is niet gecastreerd.
    Floe is een tweejarig, misschien toekomstig racepaard. Hij kan nog weleens wat wild en onverwacht reageren, dus hij wordt meestal door Jim gevoerd, maar Frank en ik doen het ook. Ronald, ook een wit paard, is het wildst. Hij is altijd zo blij met zijn voer met wortelen dat hij al uit zijn emmer eet zodra Frank of Jim zijn hek binnenstappen en terwijl ze ermee naar zijn eetbak lopen, geeft hij stevige kop-jes/stoten tegen hun schouder. Daarvan zitten ze dan onder de modder en witte haren:-). Tegenover Ronald staat de brave, witte Tomy, de favoriet van de kinderen. Ze voeren hem om de beurt. Naast het geven van voer, controleren we ook alle waterbakken. De handmatige moeten met een tuinslang worden gevuld; bij de automatisch vullende waterbakken scheppen we er een paar emmers water uit, zodat het water vers blijft.
    Op de wei achter die van Bobby, staan drie oude bruine broers met zwarte sokken. Prachtige, statige paarden en ze zijn superlief en grappig! Als je hun wei in komt, komen ze gelijk naar je toe om aangehaald te worden en als je de ene aanhaalt, wordt de ander jaloers. Die komt er dan tussen staan en één van de broers ging zelfs een keer naar de waterbak terwijl ik één van de andere aanhaalde, om met zijn lippen stijf op elkaar terug te komen. Vervolgens liet hij het water vlak naast mij uit zijn mond stromen! Deze paarden hoeven we niet te voeren, want dit zijn de paarden van Shelly, een klein, potig vrouwtje, die thuis nog heel veel paarden en pony’s heeft en traint, zodat er kinderen op kunnen rijden. Ze komt om de dag langs en als ik niets anders aan het doen ben, loop ik mee naar haar paarden. Anders komt ze meestal ook wel even gedag zeggen en doen we een ‘cuppa’ (bakkie). Ze praat alleen wel snel, recht voor zijn raap en heel Australisch, dus ze moet nog wel eens iets een paar keer herhalen voordat bij mij het kwartje valt…Ze heeft geen kinderen en is volgens mij vrijgezel. Naast haar paardenwerk, draait ze nachtdiensten in een verzorgingstehuis.

    Cito-toetsen
    Als we terugkomen van het paarden voeren, drinken we koffie. Daarna gaat Julie meestal een cito maken en ga ik met Simon gewoon scholen. Julie hoeft nu alleen nog 2 spellingtoetsen van niet-werkwoorden en Simon heeft inmiddels ook cito rekenen en woordenschat af. Het is erg fijn om te zien hoe goed de toetsen gaan, ondanks de onregelmatigheid van de lessen! Ze hebben er hier een mooi werkplekje voor; een bureautje in een hoek van een soort voorkamer, die grenst aan onze gastenkamer, het washok en de gang. Er staan verder twee koelkasten, een vriezer en een bank en ze zitten met hun rug naar wie er eventueel voorbij komt om naar binnen of naar buiten te gaan. Het enige nadeel is dat het er wel erg warm kan zijn, dus het is het best om niet te laat te beginnen. We zorgen dat Julie in ieder geval alle cito’s af heeft voordat we hier de 26ste vertrekken, zodat ik die resultaten alvast naar school kan sturen. Die van Simon volgen daarna zo snel mogelijk.

    Andere projecten
    Frank werkt verder veel op het land; omgevallen bomen en afgebroken takken op de verschillende weiden opruimen en in stukken zagen; meestal met de hand, maar vandaag eindelijk met de kettingzaag, die kapot was. Ook repareert hij hekken die kapot zijn door die omgevallen bomen of door de zwarte koeien, die gewoon alles omver lopen om bij groen gras te komen. Verder moet al dat hout van de weiden naar een brandstapel worden gebracht met de quad met aanhanger. Simon helpt soms mee. Franks andere project is het opruimen van de enorme garage, waar hij al enorme vooruitgang mee heeft geboekt.
    Zelf ben ik nog steeds niet klaar met het schoonmaken van de keuken. Het is een hele klus om al die kastjes uit te mesten, schoon te maken en ook nog alles wat er in die kastjes zit af te wassen. Ook de deurtjes moeten aan beide kanten stevig worden afgeschrobd! Maar ik ben er bijna en ik heb ook tussendoor de zittingen van de zes eetkamerstoelen opnieuw bekleed. Ze durfden het mij wel te laten doen, vanwege de twee Louis Quatorze-stoeltjes die ik ooit heb opgeknapt :-). En verder heb ik de ramen gezeemd, vaak gekookt en afgewassen en een pogingen gewaagd om te stofzuigen met een soort kapotte R2-D2 met een heel kort snoertje…

    Simon heeft nog een paar keer bij Lachlan, de buurjongen gespeeld. Omdat ze altijd wel een dag, maar geen tijd afspraken, was er soms niemand thuis als Simon er heen ging en kwam hij teleurgesteld en oververhit (7 min heen en 7 min terug fietsen op grindweg in 35 graden) terug. De laatste keer dat er niemand thuis was, was Julie mee en hebben ze op een krijtbord geschreven: ‘We were here. Call us if you have number. Julie and Simon’. En toen belde Lachlan om een tijd af te spreken!

    Julz Jewels
    Julie is zo nu en dan weer bezig met sieraden maken. Claire had daar spullen voor op tafel gezet en daar is Juul uren zoet mee!

    Honden
    De kinderen spelen ook wel eens met Buddy en Neema in de tuin met stokken of een paarse bal. Omdat Neema zo bang is, zijn Frank en Julie begonnen om haar te trainen. Ze durft niet naar binnen te komen als er naast Claire en Jim meer mensen in de kamer zijn en ze is vooral heel bang voor vrouwen. Naar mij blaft ze ook nog steeds. Het trainen bestaat uit het met haar aan de riem lopen, mee naar binnen nemen en in de huiskamer zitten terwijl er meer mensen zitten en met koekjes belonen als ze het goed doet. De riem geeft haar een gevoel van veiligheid, doordat de controle in handen is van de begeleider. Ze hebben nu een paar keer een kwartiertje geoefend en het gaat al beter! Buddy wil bij de training niet achter blijven. Hij probeert ook steeds zijn kop door de riem te steken voor een koekje en gaat helemaal op zijn rug liggen, maaiend met zijn poten in de lucht om ook aangehaald te worden als Neema aandacht krijgt. Zo op zijn rug met de poten omhoog, ligt Buddy ook vaak te snurken op de bank!
    Elke dag om een uur of zes krijgen ze eten in de tuin. Jim koopt altijd vlees voor ze bij de slager; kippenkarkassen, lamsnek en ander vlees met botten. Buddy is heel kieskeurig en eet heel langzaam, terwijl Neema alles naar binnen schrokt en haar kip vaak begraaft voor later. Als Jim naar bed gaat, gaan ze mee. Ze slapen bij hem op bed. Buddy zorgt er met zijn gestrekte poten voor dat Jim op een randje ligt en bovendien blijft hij de hele nacht zo snurkend liggen. Neema gaat er nogal eens uit en is ’s morgens al vroeg klaar om te spelen, terwijl Buddy niet uit bed kan komen!

    Bloemetjes en bijtjes
    Er zijn twee moestuinen in de tuin en daar komen op het moment meer tomaten uit dan we gebruiken kunnen, dus daar moeten we maar saus van maken. Verder hebben we al een paar keer bonen van vorig jaar (uit de vriezer) gegeten en hebben we ook courgettes, komkommers, bieten, lente-ui en kruiden uit de tuin. Dit jaar geen bonen, want toen Jim in het ziekenhuis lag en Claire doordeweeks weg was voor haar werk, hebben de mensen die op de boerderij pasten niet gesproeid of gesproeid in de volle zon, waardoor alles verdroogd of verbrand is. Claire heeft Julie en mij laten zien hoe we de vrouwelijke bloemen van de pompoenplant kunnen bevruchten, zodat er pompoenen gaan groeien. Als je dit aan de bijen alleen overlaat, heb je namelijk geen garantie dat er uit elke vrouwelijke bloem een pompoen groeit. De vrouwelijke bloemen zijn te herkennen aan een bolvormige knop onder de gele kelk. Als je ziet dat er een open is, pluk je een mannelijke bloem. Daarvan verwijder je de gele kroonbladeren, zodat de meeldraden bloot komen. Die steek je vervolgens in het gaatje van de stamper van de vrouwelijke bloem. Het lijkt dus precies op de menselijke situatie en de voorlichting daarover hoort bij de lesstof van groep 8. Een betere aanleiding kon ik niet wensen!

    Wildleven
    Behalve de dieren die Jim en Claire hier zelf houden, is er rond de boerderij ook het een en ander aan wildleven te ontdekken. Qua vogels zien we hier veel Mag Pies (zwart-witte kraaien), grijs met roze Galah cacketoos, musjes en fantails (lijkt op winterkoninkje met het verticale staartje, maar is groter, maakt van het staartje vaak een waaier en de mannetjes hebben een felblauw met zwart kopje). ’s Avonds horen we vaak Kookaburra’s (grote ijsvogels die veel kabaal maken), maar we hebben ze nog niet gezien. In de garage en in de boom bij het terras, wonen grote bushtail opossums met een gele streep onder hun neus. Door hun grote ogen en pluchen vacht, zien er heel schattig uit, maar ze kunnen lelijk krabben, stelen tomaten en bonken ’s nachts soms keihard op het golfplaten dak of maken spookachtige sissende en hijgende geluiden onder je slaapkamerraam. Als we de paarden gaan voeren zien we vaak grote hazen rennen. Er zijn ook beesten die je liever niet tegen komt; de slangen en sommige spinnen zijn hier dodelijk… Nu we bijna veilig in New Zealand zitten, waar geen giftige griezels leven, kan ik jullie wel vertellen dat er hier wel giftige slangen zitten. De eerste keer, kronkelde er een flinke Tiger Snake (bruin gestreept met grote kop) door de tuin, toen we op veilige afstand zaten te barbecuen met de buren. Gelukkig zaten alle kinderen op dat moment net binnen. Er zijn jaren dat ze hier geen slangen zien en anders zien ze er één of twee in een jaar. Ze mogen officieel niet gedood worden, maar wat doe je als je ze op je terrein hebt waar ook je kinderen spelen of waar je dieren rondlopen? Nou, ze pakken hier gewoon een grote spade en slaan zijn kop eraf als ze de kans krijgen. Deze verdween in het hoge gras in de droogstaande sloot, voordat Jim hem te pakken had…Omdat het zo droog is, worden er dit jaar veel meer slangen gezien. Op het nieuws hadden ze het over een slangenplaag in Melbourne met beelden van een vrouw die gebeten was door een Tiger Snake in haar vuilnisbak. Zij heeft het overleefd, maar als je te laat in het ziekenhuis bent, ben je er geweest. Als je een slang ziet, moet je rustig achteruit lopen tot je buiten bereik van zijn aanval bent en dan wegrennen. Als je gebeten bent, is het zaak om zo rustig mogelijk te blijven en zo min mogelijk te bewegen. Je belt 000 (onze 112) en bindt de beet en het gedeelte erboven en eronder strak af met elastisch band. Ben je in je been gebeten, dan bindt je met een spalk ook nog je benen aan elkaar en wacht in zittende houding op hulp. Alles om te voorkomen dat het gif te snel door je lichaam stroomt. Uit voorzorg dragen we altijd hoge schoenen of laarzen en pakken we natuurlijk nooit zomaar een stok of iets anders op. De kids zijn hier goed van doordrongen. Na het incident met de Tiger Snake heeft Frank het gras overal goed kort gemaaid, zodat we goed overzicht hebben. Langs de weg waar de kids soms naar de buren fietsen, is het gras ook kort en buurvrouw Allie let gelukkig ook heel goed op waar de kinderen spelen. Frank is tijdens het hout opruimen nog twee keer een andere giftige slang tegen gekomen; een Cupperhead, koperkleurig met kleine kop. De eerste keer sprong hij een meter de lucht in van schrik en de slang kronkelde er rustig vandoor. Deze soort is bijna net zo giftig als de Tiger, maar veel minder agressief. Er is ook nog een derde soort slang met mogelijk fatale beet; de Redbellied Snake (zwart met rode buik). Die hebben we gelukkig nog niet gezien. Ook de White Tailed en de Red Backed Spiders zijn we nog niet tegengekomen, maar we weten hoe ze eruit zien. De grote, bruine Huntsman met zijn harige poten, zien we wel regelmatig, maar zijn beet zou alleen vervelend zijn; je houdt er hoogstens een dode vinger aan over, maar blijft verder gewoon in leven! Die enge beesten zijn het enige nadeel hier, naast het feit dat we zo zuinig met het water uit de watertank moeten doen, dat we lang niet elke dag kunnen douchen. Maar dat is een kleinigheid.

    Philip Island
    Vorige week zondag heeft Claire ons een dagje meegenomen naar Philip Island; een eilandje dat hier ongeveer een uur rijden vandaan ligt. Het ligt zo dicht langs de kust, dat je gewoon over een brug kunt rijden om er te komen. In de gele velden zagen we grote grijze ganzen en soms wat kangaroes. We maakten eerst een stop bij Nobbies, waar een houten loopsteiger gemaakt is met uitzicht op een prachtige, vulkanische kust en zwarte rotseilandjes, waar vaak zeehonden te zien zijn. Deze keer niet, maar de uitzichten alleen al zijn zeer de moeite waard. De begroeiing – vetplanten met kleine, bolle blaadjes – vormt een schitterend groen met hier en daar roodachtig tapijt over de duinen en rotsen. Daartussen staan hier en daar kleine vierkanten, houten huisjes voor de Australische pinguïns, die hier rond 21.00u ’s avonds thuiskomen met hun vers gevangen vis. Behalve één dik kuiken, was er op het moment dat wij er waren dus niemand thuis. De schoonheid van de natuur, de houten loopsteiger en de mogelijke aanwezigheid van pinguïns en zeehonden, deed ons denken aan Kaap de Goede Hoop in Zuid-Afrika. Na bij de souvenirshop even tevergeefs gezocht te hebben naar een Australië-badge voor Simons tas, reden we verder naar Cowes; een gezellig toeristisch plaatsje met ongelooflijk mooie, oude naaldbomen langs de wegen. De stammen zijn heel dik en ze hebben volle, donkergroene kruinen met lichtgroene punten, in de vorm van parasols. Prachtig zo’n laan met aan het einde de zee! Hier hebben we wat gedronken, een ijsje gehaald en zijn we even naar één van de mooie strandjes geweest. Daarna hebben we er nog Fish –en de kids hotdog- and chips gegeten, voordat we weer naar huis gingen.

    3 thoughts on “Het leven op de boerderij

    1. Heerlijk jullie verhalen, geniet ook weer in nieuw zeeland! Frank heeft een adres voor de allerlekkerste ijsjes! 😉

    2. Lees zo af en toe jullie verhalen geniet er ook van .Hoor heel veel van je Moeder
      Smakelijken verhalen over jullie .
      Nog heel veel plezier en tot snel kunnen nu gaan aftellen
      Gr Bep Henk Xxx

    3. Wat een verhalen zeg, dat is wel even anders dan een gewone vakantie die je meestal wat gehaast in down under doorbrengt. Wij hebben destijds al die beesten niet gezien. Hoewel ook best scary toch prachtig om te zien en te beleven. Ook het leven bij en met de locals, w
      aar jullie de tijd voor genomen hebben voegt iets toe aan wat een gewone vakantieganger moet missen. Heb je al foto’s gemaakt ? (grapje).
      Wat goed dat de Cito’s zo goed en gedisciplineerd gaan, complimenten voor de kids. (en voor jullie natuurlijk).
      Laat via de site of via whats app even weten of je al in Auckland bent of wat de planning is. Ik probeer dat elke maand door te geven aan de Lions.
      Groetjes van Dimme en Marie-José

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *